ERROR

Kust

[Kust bij Sorrento] Eerst Napels zien, dan sterven, zegt men. Met het oog op het Napolitaanse verkeer kun je beter stellen dat Napels zien een verhoogd risico op sterven met zich meebrengt. Bovendien heeft de omgeving van Napels ook veel te bieden: Pompeï ligt er nog steeds aan de voet van de Vesuvius, op Capri bracht Tiberius zijn dagen door in wellust, en de golf van Napels heet het smerigste stukje water van de Midellandse Zee te zijn. Het uitzicht langs de Amalfi-kust wordt geroemd in alle gidsen, dus besluiten we daar dan maar eens een blik op te werpen.

De lokale spoorweg brengt ons in Amalfi zelf. Vandaar voert een busdienst naar Sorrento, vijfentwintig kilometer terug richting Napels, langs de kliffen van de Amalfi-kust. Het busstation is chaotisch, bij de haltes staat zelden de eindbestemming, meestal een (kleine) tussenhalte. Nadat de bus naar Sorrento voor onze ogen vertrekt besluiten we beter op te letten. Uiteindelijk schuiven we de bus (model 1946) in, tezamen met een groep Britten, onder wie een robuust uitziende ‘zeekapitein’, compleet met pet en tatoeages.

De Amalfi-kust is een stuk rots dat loodrecht oprijst uit de zee. De kustweg slingert op gemiddeld tachtig meter hoogte, het land begint pas op zo’n honderdtwintig meter. We hebben weer eens niet nagedacht, domme plattelanders die we zijn. Omdat we de kust in westelijk richting volgen, en de zee aan de zuidkant ligt, en Italianen meestal rechts rijden, zitten we nu met de bus aan de bergkant van de weg. We kunnen nog een beetje compenseren door links van het gangpad te gaan zitten.

Als ik zeg dat Italianen meestal rechts rijden is dat waar, maar niet in of om Napels. Zelden zag ik zo’n doodsverachting als hier. Neem het volgende, regelmatig voorkomende geval. De bus nadert een klif, een scherpe bocht dus rond een uitstekend stuk rots. De bus heeft de binnenbocht, we kunnen absoluut niet zien wat er van de andere kant zal komen. Achter ons een automobilist, die beslist harder rijdt dan de bus. Hij mindert geen vaart, hij geeft slechts een forse peut op de claxon en haalt in. Door de buitenbocht, zonder enig zicht op eventueel tegemoetkomend verkeer, dat meestal ook harder zal rijden dan onze bus nu. Ook de bus-chauffeur houdt niet in. Onbekommerd handhaaft hij zijn tachtig kilometer per uur. Op een weg die maximaal twee rijstroken breed is, met aan één kant veertig meter rots omhoog en aan de andere kant tachtig meter rots omlaag.

Geregeld zie je, uitgehouwen in de rots of staande bij de vangrail, kruisbeelden of kleine kapellen. Het gaat dus wel eens fout. We zien nu ook waarom ons Britse reisgezelschap rechts is blijven zitten: de ‘kapitein’ heeft zich met beide handen krampachtig vastgeklemd aan zijn leuningen, en hoewel wij dat niet kunnen zien vermoeden wij dat hij zijn ogen stijf dichtgeknepen heeft. De Amalfi-kust is werkelijk de moeite waard.

ERROR

Deze tekst stond eerder in de By The Way…, nummer 5.

© Roelof Ruules