ERROR’S GENOEG&

Regen

Het is een mooie dag geweest. Bij het opstaan was het nog fris, maar al snel had de zon zijn werk gedaan. De mist in het dal trok op, zodat wij, op de berg, in de diepte de rivier konden zien stromen. Niet dat daar nu veel aan te zien was (de rivier staat goeddeels droog) maar geen mist is altijd beter dan wel mist.

Daarna werd het gewoon heet. Het zwembad raakte al snel overvol, zodat men in groten getale afdaalde naar het restantje rivier—toch al snel een tocht van twintig minuten in de brandende zon, en later dezelfde tocht maar dan bergop. Sommigen trokken er op uit in de auto, vooral in de duurdere auto’s die zijn voorzien van airco’s. Wie boven achterbleef moest het zelf maar weten. Die probeerde het vege lijf te redden met parasols en boeken, aan het einde van de middag aangevuld met pastis.

Toen brak de avond aan. De zon daalde en verloor een groot deel van haar kracht. Her en der trokken de rookpluimen op van kampvuren en barbecues. Het rook naar gebraden vlees en tijm. De meer welgestelden onder ons, of de anderszins bevoorrechten trokken naar het restaurant, waar zij eerst het terras bezetten en vervolgens de ‘eetzaal’. Het menu was eigenlijk erg eenvoudig, een niet erg origineel, maar dat deed niets af aan de sfeer. Bij voorkeur een salade Niçoise vooraf, gevolgd door iets-met-kalkoen en frites, dan een kaasplateau, en tot slot een stuk Normandische appeltaart. Bij alle gangen een eenvoudige St. Pourçain. Intussen keken we naar de mensen die een portie friet kwamen afhalen, een pannetje onder de arm geklemd en meestal vergezeld door kinderen die om ijs zeurden.

Uiteindelijk waren we nog zo’n beetje de enige gasten. De zon was al lang geleden onder gegaan, en buiten begon het zowaar alweer koud te worden, zodat de deuren en ramen allemaal gesloten werden. Maar we wachtten op de patron, want die zou zeker komen. Hij kwam en bracht een fles goede Armagnac. De hele familie kwam uit de keuken en schoof aan, en iedereen probeerde te begrijpen waar het over ging.

Tenslotte wankelden we terug naar de tent. De sterren waren niet zichtbaar, en in de lucht hing de geur van regen. Het verbaasde ons dan ook niet dat, toen we juist in bed lagen, de eerste druppels op het doek trommelden. Het werden er meer en meer, maar hoe hard het uiteindelijk heeft geregend weten we niet. Wel hadden we de volgende ochtend een lichte pijn aan het haar.

ERROR

Deze tekst stond eerder in de By The Way…, nummer 35.

© Roelof Ruules